Snel antwoord

Monteer de NiSi 150mm houder op je lens en schuif vervolgens verloop-ND of neutrale dichtheidsfilters uit de Explorer Collection erin voor gebalanceerde belichtingen en lange sluitertijden zonder vignettering.

Waarom de 150mm Explorer Collection geschikt is voor groothoeklenzen

Het NiSi 150mm systeem gebruikt grotere filtersleuven om vignettering op ultragroothoeklenzen te voorkomen, vooral bij lenzen met bolle frontelementen. De geharde glasfilters van de Explorer Collection zijn bestand tegen onbedoelde schade tijdens buitenshoots, wat ze praktisch maakt voor avontuurlijke fotografen.

Verloop-ND-filters zoals de Reverse GND4 (0.6) behandelen hard horizonlicht, terwijl de Medium GND8 (0.9) werkt wanneer gebouwen of bergen de horizonlijn doorbreken. Voor lange sluitertijden vermindert de ND1000 (3.0) het licht met 10 stops, waardoor stromend water in mist verandert.

Stapsgewijze installatie

  1. Bevestig de filterhouder aan je lens: Schroef de NiSi 150mm adapterring op de schroefdraad van je lens en klik de houder op de ring. Zorg dat de houder waterpas staat door de waterpasindicator te controleren. Veelgemaakte fout: de adapterring te strak aandraaien kan ervoor zorgen dat hij vast komt te zitten. Draai alleen met de hand vast.
  2. Plaats een verloop-ND-filter voor een gebalanceerde belichting: Schuif de Reverse GND4 (0.6) of Medium GND8 (0.9) in de sleuf van de houder die het dichtst bij de lens zit. Pas de verticale positie aan zodat het donkere gedeelte de lucht bedekt en het heldere gedeelte de voorgrond. Controlepunt: let op kleurzweem. De Nano IR-coating van de Explorer Collection behoudt natuurgetrouwe kleuren, maar controleer altijd je histogram.
  3. Voeg een neutraal dichtheidsfilter toe voor lange sluitertijden: Schuif voor bewegingsonscherpte-effecten de ND1000 (3.0) in de buitenste sleuf. Gebruik een afstandsbediening voor de ontspanknop en zet je camera op handmatige modus. Bereken de belichtingstijd met de 10-stop reductieregel (bijv. 1/30 sec wordt 30 seconden). Veelgemaakte fout: vergeet niet het GND-filter te verwijderen voordat je het ND-filter toevoegt, anders kan de belichting ongelijkmatig worden. Gebruik slechts één filtertype tenzij je beide effecten nodig hebt.
  4. Controleer op vignettering en scherpte: Maak een testfoto op je wijdste brandpuntsafstand. Het 150mm systeem is ontworpen om vignettering te voorkomen, maar controleer dit op 14-16mm. Als je donkere hoeken ziet, zorg er dan voor dat de houder volledig is bevestigd en dat er geen filter scheef staat. Controlepunt: fotografeer altijd op f/8 tot f/11 voor optimale scherpte met filters.

Filters in deze gids